Feeds:
Berichten
Reacties

Posts Tagged ‘Jeremia32:36-41’

Preek voor de dienst in de Terp in Oudorp Alkmaar op 18 april 2010
Lezen:

“De droom van de schat” uit De Gouden Sleutel van Baukje Offringa
Jeremia 32: 36-41
Openbaring 5:6-14
Lucas 24: 35-48

Gemeente,

Op avontuur met de Bijbel. Gaan we dan terug naar oude tijden? Kijken we hoe het vroeger beter was en proberen we daar weer iets van terug te vinden? Nee toch? Zo doen we niet in de kerk en zo hoeven we ook niet te doen als we de Bijbel lezen. In de Bijbel gaat het er over hoe mensen met elkaar omgaan en hoe ze met elkaar zouden kunnen omgaan als ze allemaal gelukkig willen worden. Dat laatste, hoe ze met elkaar zouden kunnen omgaan wordt ze voorgehouden door de God van Israël. Zijn woord werpt steeds een ander licht op ons leven. In Jezus van Nazareth is duidelijk geworden dat het ook werkelijk kan, dat je die manier van met elkaar omgaan, in absolute liefde, zelfs door de dood heen kan volhouden. Omdat hij dat heeft gekund en gedaan mogen wij daaraan allemaal mee doen. Maar wat voor avontuur blijft er dan over? Nu, mensen gaan al eeuwen lang op dezelfde manier met elkaar om. Er zijn sterken en zwakken, rijken en armen, machtigen en onmachtigen. Het is soms zo vanzelfsprekend dat we niet meer door hebben hoe dat in elkaar zit en hoe we dat ook anders zouden kunnen. Als je op die manier de Bijbel leest dan ontstaan er ineens verrassende inzichten in hoe het vandaag gaat met ons en met de wereld en hoe we dat anders zouden kunnen doen. In Psalm 119 staat dat het woord van de God van Israël een lamp voor onze voet is en die lamp werpt een verrassend licht op de hedendaagse samenleving en legt verbanden bloot die we zonder die lamp waarschijnlijk niet op het spoor waren gekomen. Neem nu de drie verhalen die we vanmorgen uit de Bijbel gehoord hebben. Drie verhalen over mensen aan het eind van hun latijn. Jeremia woonde in Jeruzalem op het moment dat de vijand voor de poorten stond en verwoesting van de stad onontkoombaar was. Johannes zat op Patmos als gevangene van het Romeinse Rijk, een rijk dat de hele wereld omspande, geen macht kon tegen dat Rijk op. De volgelingen van Jezus van Nazareth zaten bij elkaar met de verhalen over een leeg graf maar zonder een enkel idee hoe het verder zou kunnen na de kruisdood van hun machtige rabbi. We kennen dat soort situaties. Aardbevingen geweest, van de week weer in China, en miljoenen zijn dakloos, bankdirecteuren en topbestuurders zijn er met grote bonussen vandoor gegaan en er blijft niets anders over dan werkloosheid en bezuinigingen. Huwelijken en relaties lopen op de klippen, jongeren raken aan de drugs en onze steden verloederen. We krijgen zelfs ex criminelen in onze buurt om voor te zorgen. Welk licht kan de Bijbel daar nu nog op werpen. Welnu, op dat punt worden we uitgedaagd het avontuur aan te gaan. Willen we gevoelig worden voor die uitdaging dan lijkt het of we eerst op een dieptepunt aangeland moeten zijn. Nood leert bidden zeggen we dan. Maar wat zegt de Bijbel. Jeremia zegt dat als zijn volk de wegwijzers van God volgt Jeruzalem herbouwt wordt en zelfs het centrum van de wereld zal worden. Die wegwijzers zeggen dat je niet moet doden, dat je moet zorgen voor de zwakken, de je ook je vijanden lief moet hebben. Johannes schrijft na de verwoesting van de Tempel in Jeruzalem. Maar hij beschrijft hoe een nieuwe Tempel vanuit de hemel op aarde zal neerdalen. Hoe de oudsten en het volk zich scharen rondom het lam. Hetzelfde lam dat werd geslacht in Egypte en waarvan het bloed rond de deurposten werd gestreken. Dat was het begin van de bevrijding uit de slavernij, dat zal ook het begin zijn van de bevrijding van al die gevangenen die geketend zaten en zitten omdat ze geloofden in die nieuwe wereld. De leerlingen zaten zo bij elkaar dat ze ineens Jezus van Nazareth opnieuw tegenkwamen. Door te blijven doen wat hij hun geboden had was hij ineens tastbaar weer aanwezig.
Maar die dromen en visioenen zijn niet vanzelfsprekend. Jeremia brengt nog eens het verbond onder woorden dat God met zijn volk had gesloten, Zij zullen mijn volk zijn en ik zal hun God zijn staat er dan. En dat is niet vrijblijvend. Want als je tot het volk van die God wil horen dan heb je niet alleen geen andere goden te dienen maar dan heb je ook je naaste lief te hebben als jezelf. Dat de God van Israël de God van je volk is dat is te zien aan de zorg voor de armen, voor de hongerigen, voor de vrede ook. Ook in het verhaal uit Openbaring klinkt dat door. Dat lam dat geslacht was op de avond voor de bevrijding uit Egypte speelt een centrale rol. Zoals Jeremia al had gedroomd waren alle mensen uit de hele wereld die bij dat Koninkrijk van bevrijde slaven wilden horen bij elkaar gebracht. Zij waren nu de priesters die als koningen heersen. Het is een taal die wij nauwelijks meer verstaan. Maar de Priesters uit Jeruzalem gingen over de Wet van de God van Israël, heb Uw naaste lief als Uzelf, en de koningen van dat Koninkrijk waren de dienaren zoals Jezus van Nazareth dat had gezegd, zij wasten desnoods de voeten van hun onderdanen. Zo zal dat Koninkrijk in de geschiedenis doorbreken. In het verhaal dat Lucas ons vertelt begint dat met dat kleine groepje volgelingen dat bij elkaar was gebleven na de Pasen. Daar verscheen Jezus van Nazareth tastbaar en voelbaar. Als teken dat hij het echt was werd er eten gedeeld. Want dat delen met elkaar, onvoorwaardelijk op elkaar kunnen bouwen, was immers het hart van de Thora, de Wet en de Profeten, daar zongen immers de Psalmen over? Paulus zou op die manier de gemeente van Christus als lichaam van Christus schilderen. En dan zijn we thuis. Want wie zijn wij anders dan een deel van die gemeente van Christus die op de eerste dag van de week bijeen komt om het woord te horen, te zorgen voor de armen en het brood met elkaar te breken. Centraal staat voor ons het woord dat we in de Bijbel lezen, want daarin horen we hoe in onze eigen samenleving het Koninkrijk van God kan doorbreken in onze eigen geschiedenis. Daarin staat hoe wij mogen zorgen voor de bevrijding van gevangenen, door voor hen een plaats te maken in onze eigen gemeenschap, hoe we de hongerigen kunnen voeden. De voedselbanken en de paas en kerstpakketten van het Isba (Interkerkelijk Sociaal Beraad Alkmaar) zijn de tekenen aan onze samenleving hoe die samenleving mensen verwaarloost en niet tot hun recht laat komen. De voorbeelden van het werk van de priesters en koningen in het Koninkrijk van God zijn oneindig, we mogen er elke dag opnieuw weer aan meedoen, elke dag van onze naaste houden als van onszelf. En als je er aan twijfelt zou ik zeggen, pak die Bijbel en lees er in, ik weet dat je dat elke dag zal wijzen op dat Koninkrijk dat op een dag de wereld zal beheersen, de dag waarop alle tranen gedroogd zullen zijn en de dood niet meer zal zijn. Zo leven we niet alleen na Pasen maar naar een nieuw Pasen toe. Opstaan dus.
Amen 

Advertenties

Read Full Post »