Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for december, 2018

Lezen: Maleachi 3:1-4

Lucas 3: 1-6

Gemeente,

De profetie die we hier lezen spreekt van het smelten van zilver en zuiveren, en het zeven van goud en zilver. Op hardhandige wijze worden de praalhanzen met hun populistische taal de samenleving uitgeveegd, zodat de armen, de zieken, de hongerigen en de vreemdelingen weer centraal komen te staan en God gediend kan worden boven alles. Het gaat er daarbij niet zachtzinnig toe. Nu is het niet zo dat iedereen maar geweld mag gebruiken als dat wat een ander zegt niet zint.

Integendeel. Juist mensen die de vrede nastreven, die de regel van eerlijk delen en houden van je naaste als van jezelf willen toepassen zullen van geweld afzien. Maar ze zullen niet zwijgen omdat het zo lelijk klinkt. De taal zal hard zijn, als het vuur van een smid of het loog van een wolwasser. Dat laatste kennen we niet meer zo goed, maar bleekwater om het bad te reinigen, of chloor voor het zwembad wel, en dat heeft hetzelfde effect, het beneemt je de adem. Jezus van Nazareth zou de religieuze leiders van zijn tijd zelfs uitmaken voor witgepleisterde graven, mooi aan de buitenkant maar rot van binnen.

Denk nu niet dat het gaat om gelovigen tegen ongelovigen, om christenen, of Joden, tegen de rest, nee het gaat om de veroordeling van tovenaars, van echtbrekers, van mensen die meineed plegen, van de exorbitante zelfverrijkers, van werkgevers die hun dagloners uitbuiten, die illegalen in dienst hebben zonder dat ze fatsoenlijk betalen, tegen allen die de weduwen en de wezen onderdrukken en lees goed: tegen hen die de vreemdelingen geen plaats gunnen .

Juist in deze tijd van de discussies over de opvang van vluchtelingen klinken de woorden uit Maleachi niet alleen actueel maar ook als waarschuwing dat de onterechte afkeer van vreemdelingen en vluchtelingen van alle tijden is. Terugsturen van vreemdelingen en vluchtelingen , uitsluiten en verplicht laten inburgeren is dus hetzelfde als geen ontzag voor God hebben.

Gelukkig dat er advocaten zijn die doorgaan recht te zoeken daar waar in het parlement onrecht wordt gepleegd. Gelukkig dat er kerken zijn die gezinnen in bescherming nemen. In de Bethelkapel in Den Haag is al meer dan 6 weken een doorgaande kerkdienst aan de gang, meer dan 1000 uur met meer dan 500 voorgangers uit alle delen van ons land en van alle richtingen en denominaties laten zich daar horen in het verkondigen van Gods Woord.

Gelukkig dat er vrijwilligers zijn die concreet willen helpen, gelukkig dat er mensen zijn die hun geld en goed willen delen met de ontheemden, gelukkig dat er mensen zijn die een ander geluid laten horen dan de angstige schreeuwers, Laten we die mensen steunen. Zij herhalen de roep van Johannes die aan de rand van de woestijn voor de komst van de bevrijder de weg bereid.

Bij ons is iemand die roept als een roepende in de woestijn iemand waar niet naar geluisterd wordt. Het is een spreekwoord dat ontleend is aan het gedeelte dat we vandaag lezen maar het heeft een tegengestelde betekenis gekregen aan het verhaal. Naar Johannes werd wel degelijk geluisterd. De schrijver van het Evangelie naar Lucas meldt ons heel nauwkeurig wanneer Johannes is gaan optreden.

Wie de geschiedenisboekjes er op narekent komt uit op het jaar 28 na het begin van onze jaartelling. Johannes wordt in dit verhaal heel uitdrukkelijk in de traditie van de profeten uit het Oude Testament gezet. Te beginnen met de traditie van Jesaja die zo uitdrukkelijk de bevrijding van het volk Israël had aangekondigd. Maar net als Jesaja in zijn dagen vraagt Johannes een duidelijke keuze van de mensen. Net als in de dagen van Jesaja waren de meeste mensen in de dagen van Johannes keurige mensen. Ze brachten hun offers, gingen op Sabbat naar de Synagoge, ze baden met voorgeschreven regelmaat, aten volgens de spijswetten en ze moorden niet, logen niet, stalen niet en aanbaden geen andere goden.

Wat wil een mens nog meer. Nu, een mens mag misschien niet veel meer verlangen maar God wil wel degelijk meer. Want met al dat uiterlijk godsdienstig vertoon wordt de aarde nog geen aarde waar mensen gelukkig kunnen wonen. Ondanks dat uiterlijk godsdienstig vertoon, dat fatsoen, die waarden en normen, gaan er nog steeds mensen dood van de honger, lijden mensen onder de koude, zijn er armen in het land. De richtlijnen van de God van Israël moeten een duidelijke inhoud krijgen, die richtlijnen moeten aan mensen zichtbaar worden. Dat is vergeving van zonden krijgen, je leven omkeren en de weg gaan zoals God die heeft gewezen, van je naaste houden als van jezelf.

Johannes vraagt van de mensen om zich te laten dopen, je zou bijna zeggen dat wij van de volken moeten vragen zich te laten dopen. Maar laten we beginnen met zijn Weg zichtbaar te maken door samen te delen en te protesteren tegen het roven door samenlevingen als de onze van de armsten in de wereld. Daar heeft Johannes, en na hem Jezus de weg voor geëffend.

Obstakels op de weg van liefhebben zul je dus niet tegen komen. Zelfs stank voor dank kan ons niet hinderen, we doen het immers niet voor onszelf maar we volgen de weg van de God van Israël. De manier waarop wij bijvoorbeeld onze rijkdom op de wereldmarkten gebruiken maakt dat de armsten arm blijven of zelfs nog armer worden. Aan de bestrijding van onrecht kunnen we vandaag nog mee beginnen.

Zelf zullen we er dus geen voordeel meer van hebben. Onze God is niet een god van voor wat hoort wat. Of wij wel of niet in zijn rijk worden opgenomen is een zaak van zijn genade, daar gaan wij niet over. Wij mogen geloven dat zijn weg iedereen een betere wereld zal opleveren. Een wereld waar geen vluchtelingen meer verdrinken, een wereld waar geen kinderen naar een land worden gestuurd dat ze niet kennen. Maar een wereld waar alle leed geleden en alle strijd gestreden is. Een wereld zegt de Bijbel ons die zo mooi zal zijn geworden dat God er zelf zal willen wonen. Daar heen gaan we op weg, opstaan en aan het werk dus.

Amen

Advertenties

Read Full Post »

Lezen: Zacharia 14:4-9
              Lucas 1: 5-25

Gemeente,

We gaan op weg naar Kerstfeest. Eerst komt natuurlijk het feest van Sinterklaas, maar vol verwachting klopt ons hart voor het grootste geschenk dat we ooit kregen, de zoon van God zelf, daar kan geen cadeau tegen op, we zijn dus maar blij met het feest van de Sint, kunnen we ons met kerst richten op het geschenk dat alles overstijgt..

Denk nu niet dat alles met de geboorte van het kerstkind wel goed zal komen. Wij hadden een graaicrisis en we moeten er van leren maar volgend jaar gaat alles al weer beter. Dat wordt ons voorgehouden.

De mannen in de deftige pakken die de crisis hebben veroorzaakt, die ons hebben voorgehouden dat ze hun gang moesten kunnen gaan, dat hun creativiteit ons welvaart zou brengen, houden ons nu voor dat ze zelf de rotzooi kunnen opruimen en dat we ons geen zorgen hoeven maken.

Het tegendeel is het geval hebben we zojuist gehoord van de profeet Zacharia. Niet dat de profeet de crises die we nu hebben heeft voorspeld, want profeten voorspellen niet, ze spreken de waarheid. En de waarheid is dat als je niet meer de weg van God bewandelt als volk, je dan rampspoed op rampspoed zal tegenkomen. Dat was zo in de dagen van de profeet Zacharia, Jeruzalem werd ingenomen, de huizen geplunderd en de vrouwen verkracht, de helft van de inwoners werd in ballingschap weggevoerd. Soms lijkt het er op dat we in onze dagen zoiets opnieuw mee maken ook onze samenleving lijkt overhoop te worden gehaald door krachten die we niet kennen en die we niet kunnen bestrijden.

Maar de ellende is niet het einde van het verhaal. Als mensen in nood komen, als de mannen in de deftige pakken in de gevangenis zijn verdwenen of op de vlucht gejaagd dan kruipen de overgebleven mensen bij elkaar. Dan herinneren ze zich weer dat ze moeten delen van wat ze hebben om te kunnen overleven. Dat elk voor zich leven en graaien en grijpen alleen maar voert tot de dood. Daarom kan de profeet Zacharia zeggen dat de weg van de Heer weer de overhand zal krijgen. Dan zal iets gewoons als de landbouw op de Olijfberg, een bergketen worden die bescherming biedt.

Wij weten dan weer dat het niet gaat om flatscreens en golfbanen, maar om graan en groente. Dan herkennen we weer dat de hele wereld er eigenlijk om draait dat iedereen te eten heeft, van Jeruzalem tot aan de Asel, tot aan de einden der aarde. Het zijn best duistere tijden, maar als het donker het sterkst wordt dan gaat ons weer een licht op.

Als mensen zo in liefde samenleven en met elkaar weten te delen kan de wereld weer een paradijs worden. In het verhaal over het paradijs, de tuin waarin de mensen met God wandelden, werd verteld dat die tuin door twee rivieren omringt werd, hier wordt verteld dat er uit Jeruzalem twee rivieren ontspringen. God zal dus echt koning worden over de hele wereld. Overal zal het delen met elkaar, je naaste liefhebben als jezelf, als eerste regel gelden, liefde zal het leidend beginsel voor de volken zijn. Daarom kan er gezegd worden dat Jeruzalem hoog verheven zal zijn. Daar werden immers de richtlijnen van God voor de menselijke samenleving bewaard, gegraveerd op harde rotsen, onuitwisbaar in het hart van de wereld.

Dat principe van de liefde voor allen is niet stuk te krijgen. Dat principe is te zien in de zorg voor de zwaksten, de minsten op de aarde, de vluchtelingen, de slachtoffers van geweld en uitbuiting, de zieken en de stervenden. En het allermooiste is dat we allemaal mee mogen doen, niet op een dag in een onzekere toekomst, maar vandaag nog, het begint vandaag voor ieder die mee wil werken.

In de aanloop naar Kerstmis vraagt de kerk zich af hoe het ook al weer zit met de verwachting van de komst van het Koninkrijk van God. Die komst begon met de geboorte van Jezus van Nazareth maar ook die geboorte had een voorgeschiedenis.

Dat kerstverhaal begint met twee mensen uit het Priestergeslacht. Voorop in het verhaal van Jezus van Nazareth staat dus de Tempel in Jeruzalem. Want Priesters waren er voor om de mensen te helpen die richtlijnen van Heb-Uw-Naaste-Lief-Als-Uzelf, te blijven volgen. Dat Priestergeslacht was ooit begonnen met Aäron de broer van Mozes. Maar in de loop van de geschiedenis was die familie heel erg uitgebreid. Wij bepalen ons tot twee leden van die familie. De priester Zacharias en Elisabeth die nog van Aäron afstamde, een al wat ouder echtpaar dat geen kinderen had.

Ze doen direct denken aan Abram en Saraï die ook geen kinderen hadden maar aan het begin stonden van het verhaal over het volk Israël. En zo konden ook Elisabeth en Zacharia ook wel eens aan het begin staan van een geweldig verhaal. Ze worden in het Grieks “rechtvaardigen” genoemd en om rechtvaardigen gaat het meestal in de Bijbel.

Die Herodes was wel Koning der Joden, maar het was geen Jood. Hij kwam uit Edom en stamde dus af van Esau de broer van Jacob die Israël zou worden. We hebben ook van nog een profeet gehoord die Zacharia heette, van zijn droom hebben we ook gelezen, En zo vinden we in het begin van het verhaal dat Lucas ons vertelt de Koning, de Priester en de Profeet. Samen staan ze rond de Tempel in Jeruzalem. Maar de betekenis van de Tempel was lang onvruchtbaar gebleven. De bezetting van de Romeinen was steeds verstikkender geworden. Mensen durfden geen kinderen meer te nemen, elke kind betekende een extra belasting die moest worden betaald. Aan die angst kwam nu een einde.

Terwijl Zacharias in de Tempel dienst deed kreeg hij een visioen, een droom dat er toch een kind geboren zou worden, een kind dat apart gezet zou worden, zoals Simson ooit apart gezet was, een kind dat de bevrijding van het volk zou aankondigen, een kind waarmee de bevrijding zou beginnen.

Want al die uitspraken van die engel, boodschapper van God, zijn uitspraken die je in het Oude Testament, de Hebreeuwse Bijbel kan terugvinden. En als je de hele schrift hebt om voor je te spreken dan doe je er het zwijgen toe, dan heb je zelf niets meer te zeggen. En zo gaat het met Zacharias: hij kon geen woord meer uitbrengen.

Veel geleerden hebben zich overigens afgevraagd waarom Elisabeth zich verborgen hield, maar de betekenis daarvan komt waarschijnlijk pas aan het licht als we het verhaal van Lucas verder lezen en zo ver zijn we nog niet.

Vandaag houden we op bij Elisabeth die sprak zoals ooit Rachel sprak toen zij moeder werd van Jozef: “God heeft weggenomen mijn schande”.

In een samenleving waar de gelijkheid van man en vrouw werd ontkend, waar men niet kon geloven dat God man en vrouw naar zijn beeld had geschapen, was het een schande als een vrouw geen kinderen had. Van Abraham en Sara, van de ouders van Samuël, van de ouders van Simson en van Zacharias en Elisabeth zouden we moeten leren dat die schande onzin is.

Als we werkelijk gaan leven zoals God dat in zijn richtlijnen voor de menselijke samenleving heeft gewezen, als we werkelijk van onze naaste gaan houden als van onszelf, als we gaan leven voor de minsten op aarde, dan gaat de onvruchtbaarheid voorbij, dan breekt nieuw leven aan, dan komt er namelijk een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. In dat verhaal kunnen we dus ook vandaag mee gaan op de weg naar het Kerstfeest.

Op weg ook tot de dag komt dat de aarde zo mooi zal zijn dat God zelf op deze aarde zal willen wonen. Daarvoor stuurt hij eerst zijn zoon, om ons te leren wat er voor moeten doen, als wij tot aan de einden der aarde zijn gegaan om mensen mee te krijgen met zijn Koninkrijk dan zal dat Koninkrijk ook komen. Er moet dus nog veel worden gedaan, aan het werk dus.

Amen

Read Full Post »